|
|
|
| Nieuws Leden Foto's Sponsors Links Contact Verslagen Logo Archief |
Dit is het jaar waarin we geboren werden, en dat is de enige vereiste is om lid te worden van de Vriendenkring “Mannen van ‘67” Het jaar waarin Leuven in peis en vree leefde, gespaard van grote rampen, het overlijden van belangrijke inwoners en zonder markante gebeurtenissen die in het collectief geheugen gegrift zijn en als basis zouden kunnen dienen voor de creatie van ons logo. Vrij snel groeide er bij de Vriendenkring een consensus dat bij het ontwerp van een logo voor de “Mannen van ’67” drie criteria zouden weerhouden worden:
Vermits een zoektocht in de geschiedenis van Leuven niet direct de inspiratie opleverde voor het ontwerp van ons logo, richtten we onze blik op de wijdere wereld. Met de moderne hulpmiddelen die ons ter beschikking staan, werden een aantal thema’s en gebeurtenissen gevonden die potentieel voor ons logo konden gebruikt worden. 1967 was o.a. het jaar dat:
Na veel vergaderen en op basis van verschillende ontwerpen, werd op 28 juli 2006 uiteindelijk gekozen voor een logo dat beantwoordde aan bovenvermelde criteria. Het logo werd vervolgens ontworpen door Lejon De Borger”:
Bij hem thuis werden we echter getroffen door een massa cartoons en karikaturen. Blijkt dat Lejon niet alleen schildert, maar ook humor tekent. Meer nog, hij is hoofdredacteur van Kever-Info, het blad voor cartoonisten. "In de lagere school heb ik ooit voor strafwerk een tekening moeten maken. Misschien is op dat ogenblik die tekenvlam opgelaaid, want het was eerder een beloning dan een straf. Maar het zou duren tot mijn 38 lentes vooraleer ik als autodidact aan een eerste tentoonstelling deelnam." Er is meer, Lejon De Borger werd ondertussen met zijn cartoons herhaalde malen geselecteerd in Warschau, Berlijn, Moskou en Knokke-Heist. Als men weet dat aan de cartoonwedstrijd te Knokke- Heist zo’n zestig landen deelnemen, mag men aannemen dat het om hoog internationaal niveau gaat. Van de 8.000 ingezonden cartoons worden er uiteindelijk zevenhonderd geselecteerd. Lejon nam al elfmaal deel en werd achtmaal geselecteerd. "Mensen hebben nood aan humor. Als cartoonist weet men dat mensen dan gaan relativeren. Humor werkt bevrijdend. Via grafische humor kan men een boodschap meegeven ofwel inpikken op een bepaalde situatie, de actualiteit, politiek en noem maar op. De taal van de tekenpen is universeel. Een cartoon en een karikatuur hoeven geen tekst. Men kan mensen aan het lachen brengen, een opdracht die vanzelfsprekend voldoening geeft", aldus Lejon De Borger.
René Magritte werd geboren op 21 november 1898 te Lessen en overleed te Brussel op 15 augustus 1967. In België, was hij een belangrijke vertegenwoordiger van het surrealisme, die het grootste deel van zijn oeuvre uitmaakt. In de Esseghemstraat 135 te Brussel is er een museum dat aan hem wordt gewijd. Een van de bekendste werken van Magritte is “La trahison des images” (1929, olieverfschilderij, Los Angeles, County Museum) met de geschilderde tekst “Ceci n’est pas une pipe” onder de afbeelding van een pijp.
Het verhaal: Amandus, een Leuvens burger, beslist, samen met zijn vrouw, hun bezittingen te verkopen en in de abdij van Villers in te treden. In hun huis, de St.-Jorisherberg in de Muntstraat, werkt Margareta, een familielid. Op de vooravond van hun intrede krijgen ze nog mannen over de vloer die eten en overnachting vragen (zij wisten dat Amandus er financieel goed voor zat). Vermits op dat ogenblik geen drank in huis was, wordt Margareta uitgestuurd om wijn te halen. Ondertussen wordt Amandus beroofd en met zijn vrouw en de hele familie vermoord. Wanneer Margareta terugkeert, nemen de moordenaars haar mee buiten de stad waar zij (wellicht na een poging tot collectieve verkrachting) wordt gedood en in de Dijle wordt geworpen. Haar lichaam wordt enkele dagen later door vissers ontdekt en op de Dijle-oever begraven. Rond dit graf zien sommigen `s nachts licht branden. Het lijk wordt ontgraven, naar de stad gevoerd en in een kapel opgebaard. Mirakels blijven niet uit. Vanaf de 15de eeuw werd het verslag flink bijgewerkt door de Brusselse Augustijnermonik Johannes Gielemans en werden er een hele rist “nieuwe elementen” toegevoegd die een bovennatuurlijk karakter gaven aan het Margareta-verhaal. Onder de toevoegingen: Het lichaam van Margareta wordt in de Dijle door vissen gedragen. Hendrik I, merkt met zijn echtgenote vanuit hun burcht het drijvende lichaam op. Ze zien engelen en horen hemels gezang; het lichaam drijft stroomopwaarts. Vooral dat laatste 'wonder' werd bijzonder populair. Margareta`s lichaam dreef stadsinwaarts, zeer waarschijnlijk richting Vismarkt dat toen een kleine haven was. Aan de Oratoriënbrug in de Mechelsestraat waren sluizen die het waterdebiet regelden. Door het spel van die sluizen ontstond een 'tegenstroom'. Die verdween toen in 1880 de Dijle aan Craenendonck werd verlegd. Dit fenomeen werd beschouwd als één van de zeven wonderen van Leuven: het water gaat tegen de stroom in. Het standbeeld van “Fiere Margriet” staat in de Tiensestraat
|
|